9,3 uit 568 beoordelingen

Glacier National Park ligt in het noorden van Montana, tegen de grens met Canada, en is een van de meest indrukwekkende nationale parken van Amerika. Denk aan steile rotswanden, kraakheldere bergmeren, eeuwenoude gletsjers en kans op het zien van beren, elanden en berggeiten. De Going-to-the-Sun Road is het hart van het park: een smalle bergweg die je dwars door het landschap slingert, langs meren, watervallen en uitzichtpunten.
Maar Glacier is meer dan alleen deze route. Aan de westkant vind je brede valleien en naaldbossen, terwijl het oosten ruiger en droger is, met diepe dalen en scherpere pieken. Wandelaars kunnen kiezen uit meer dan 1100 kilometer aan trails, van korte routes tot meerdaagse tochten. Overnachten kan op campings, in historische lodges of net buiten het park in plaatsen als Kalispell of Whitefish. Glacier National Park is wild, puur en onvergetelijk en precies dat maakt het zo de moeite waard.

Let op: de genoemde prijs is een vanafprijs en kan variëren op basis van datum en beschikbaarheid.
Let op: de genoemde prijs is een vanafprijs en kan variëren op basis van datum en beschikbaarheid.
Let op: de genoemde prijs is een vanafprijs en kan variëren op basis van datum en beschikbaarheid.
Let op: de genoemde prijs is een vanafprijs en kan variëren op basis van datum en beschikbaarheid.
In de sectie Wat te doen! vind je normaal gesproken een overzicht van excursies in dit nationale park.
Op dit moment zijn er helaas nog geen items beschikbaar.
We werken eraan om binnenkort inspirerende excursies toe te voegen.
Scroll gerust verder voor alle andere informatie over dit nationale park, van hoogtepunten tot praktische tips!
Boek je een rondreis door Amerika met UStravel.nl? Dan maken wij met liefde een persoonlijk routeboek voor je, helemaal afgestemd op jouw reis. In dit boek vind je alle informatie die je nodig hebt: van je huurauto en hotels tot de mooiste stops onderweg, leuke tips en praktische reistijden.
Geen standaardgids, maar een routeboek dat naadloos aansluit op jouw reisschema. Zo weet je precies wat je wanneer kunt verwachten en reis je ontspannen van dag tot dag.
Boek je een rondreis door Amerika met UStravel.nl? Dan maken wij met liefde een persoonlijk routeboek voor je, helemaal afgestemd op jouw reis. In dit boek vind je alle informatie die je nodig hebt: van je huurauto en hotels tot de mooiste stops onderweg, leuke tips en praktische reistijden.
Geen standaardgids, maar een routeboek dat naadloos aansluit op jouw reisschema. Zo weet je precies wat je wanneer kunt verwachten en reis je ontspannen van dag tot dag.

Glacier National Park is gevormd door miljoenen jaren van geologische activiteit, gletsjererosie en verschuivende continenten. De scherpe pieken, diepe U-vormige dalen en spiegelgladde meren zijn typische sporen van het ijs dat deze regio ooit bedekte. Het park ligt in de noordelijke Rockies van Montana en werd in 1910 uitgeroepen tot nationaal park, mede dankzij de lobby van natuurliefhebbers en spoorwegmaatschappijen die het toerisme naar het gebied wilden stimuleren. Die combinatie zie je vandaag nog steeds: aan de ene kant pure, ruige natuur; aan de andere kant lodges en wandelpaden die al meer dan een eeuw oud zijn. Glacier National Park wordt doorkruist door de Continental Divide, een waterscheiding die bepaalt of regenwater naar de Atlantische of Stille Oceaan stroomt. De ligging tegen de Canadese grens maakt het ook onderdeel van het Waterton-Glacier International Peace Park, samen met Waterton Lakes National Park in Alberta. Dit is ’s werelds eerste grensoverschrijdende natuurpark en staat symbool voor samenwerking in natuurbescherming. De belangrijkste uitvalsbasissen rondom het park zijn West Glacier, St. Mary, Many Glacier, Two Medicine en verder buiten het park ook Kalispell, Whitefish en East Glacier Park. In al deze gebieden vind je toegang tot verschillende delen van het park met elk hun eigen karakter. Vanuit het westen kom je binnen via dichte bossen en brede valleien, vanuit het oosten via open landschappen met indrukwekkende vergezichten. Die geografische variatie maakt Glacier National Park geschikt voor vrijwel iedere reiziger, van roadtrippers tot wandelaars en rustzoekers. En ondanks de populariteit voelt het park nog steeds als wildernis: je komt hier om je klein te voelen in het grootse landschap van Montana.
Glacier National Park is gevormd door miljoenen jaren van geologische activiteit, gletsjererosie en verschuivende continenten. De scherpe pieken, diepe U-vormige dalen en spiegelgladde meren zijn typische sporen van het ijs dat deze regio ooit bedekte. Het park ligt in de noordelijke Rockies van Montana en werd in 1910 uitgeroepen tot nationaal park, mede dankzij de lobby van natuurliefhebbers en spoorwegmaatschappijen die het toerisme naar het gebied wilden stimuleren. Die combinatie zie je vandaag nog steeds: aan de ene kant pure, ruige natuur; aan de andere kant lodges en wandelpaden die al meer dan een eeuw oud zijn. Glacier National Park wordt doorkruist door de Continental Divide, een waterscheiding die bepaalt of regenwater naar de Atlantische of Stille Oceaan stroomt. De ligging tegen de Canadese grens maakt het ook onderdeel van het Waterton-Glacier International Peace Park, samen met Waterton Lakes National Park in Alberta. Dit is ’s werelds eerste grensoverschrijdende natuurpark en staat symbool voor samenwerking in natuurbescherming. De belangrijkste uitvalsbasissen rondom het park zijn West Glacier, St. Mary, Many Glacier, Two Medicine en verder buiten het park ook Kalispell, Whitefish en East Glacier Park. In al deze gebieden vind je toegang tot verschillende delen van het park met elk hun eigen karakter. Vanuit het westen kom je binnen via dichte bossen en brede valleien, vanuit het oosten via open landschappen met indrukwekkende vergezichten. Die geografische variatie maakt Glacier National Park geschikt voor vrijwel iedere reiziger, van roadtrippers tot wandelaars en rustzoekers. En ondanks de populariteit voelt het park nog steeds als wildernis: je komt hier om je klein te voelen in het grootse landschap van Montana.
Wie alleen de Going-to-the-Sun Road rijdt, ziet al veel van Glacier National Park, maar mist misschien wel de plekken waar het park echt zijn karakter laat zien. Een voorbeeld is Two Medicine, in het zuidoosten van het park. Deze regio is rustiger dan de centrale delen en biedt korte én uitdagende wandelingen langs meren en watervallen, met uitzicht op imposante bergpieken. Vanaf de oever van Two Medicine Lake kun je zelfs met een bootje naar de overkant varen en daar beginnen aan een hike, een fijne afwisseling met de drukkere routes elders. Een andere verborgen parel is North Fork, een afgelegen en deels onverhard gebied in het noordwesten van Glacier. Hier ligt het minidorp Polebridge, met een historische bakkerij en toegang tot Bowman Lake en Kintla Lake. Deze meren liggen diep in de wildernis en trekken vooral natuurliefhebbers aan die rust zoeken en geen bezwaar hebben tegen gravelwegen. In dit deel van het park zie je vaak meer dieren dan mensen. Nog zo’n bijzonder plekje is Hidden Lake Overlook, bereikbaar vanaf Logan Pass. Hoewel het pad deels verhard is en populair bij dagjesmensen, geeft het een bijna alpien gevoel: bloemenweides, marmotten, steile hellingen en uitzicht over een diepblauw bergmeer. Iets verder lopen? Dan bereik je ook het daadwerkelijke Hidden Lake. Voor wie Glacier National Park vanuit meerdere kanten wil beleven, is een bezoek aan Many Glacier onmisbaar. Dit gebied voelt haast Europees aan, met scherpe toppen en klassieke gletsjermeren. De kans op het zien van wildlife is hier groot, en de wandelingen – zoals naar Grinnell Glacier, zijn indrukwekkend zonder overdreven technisch te zijn. Glacier National Park is geen plek van één uitzichtpunt: het zijn juist de rustige delen die je reis onvergetelijk maken.
Wie alleen de Going-to-the-Sun Road rijdt, ziet al veel van Glacier National Park, maar mist misschien wel de plekken waar het park echt zijn karakter laat zien. Een voorbeeld is Two Medicine, in het zuidoosten van het park. Deze regio is rustiger dan de centrale delen en biedt korte én uitdagende wandelingen langs meren en watervallen, met uitzicht op imposante bergpieken. Vanaf de oever van Two Medicine Lake kun je zelfs met een bootje naar de overkant varen en daar beginnen aan een hike, een fijne afwisseling met de drukkere routes elders. Een andere verborgen parel is North Fork, een afgelegen en deels onverhard gebied in het noordwesten van Glacier. Hier ligt het minidorp Polebridge, met een historische bakkerij en toegang tot Bowman Lake en Kintla Lake. Deze meren liggen diep in de wildernis en trekken vooral natuurliefhebbers aan die rust zoeken en geen bezwaar hebben tegen gravelwegen. In dit deel van het park zie je vaak meer dieren dan mensen. Nog zo’n bijzonder plekje is Hidden Lake Overlook, bereikbaar vanaf Logan Pass. Hoewel het pad deels verhard is en populair bij dagjesmensen, geeft het een bijna alpien gevoel: bloemenweides, marmotten, steile hellingen en uitzicht over een diepblauw bergmeer. Iets verder lopen? Dan bereik je ook het daadwerkelijke Hidden Lake. Voor wie Glacier National Park vanuit meerdere kanten wil beleven, is een bezoek aan Many Glacier onmisbaar. Dit gebied voelt haast Europees aan, met scherpe toppen en klassieke gletsjermeren. De kans op het zien van wildlife is hier groot, en de wandelingen – zoals naar Grinnell Glacier, zijn indrukwekkend zonder overdreven technisch te zijn. Glacier National Park is geen plek van één uitzichtpunt: het zijn juist de rustige delen die je reis onvergetelijk maken.
De natuur in Glacier National Park is rauw, afwisselend en verrassend stil. Door de hoge ligging van veel delen van het park kom je in korte tijd door meerdere klimaatzones. In de lagere delen, zoals rond Lake McDonald en Two Medicine, groeien uitgestrekte dennenbossen, terwijl je boven Logan Pass door alpenweides loopt vol wilde bloemen, met uitzicht op besneeuwde toppen. De vegetatie verandert mee met de hoogte, en die diversiteit trekt ook veel verschillende diersoorten aan. Glacier National Park is bekend om zijn relatief hoge dichtheid aan grizzlyberen, maar ook zwarte beren, elanden, berggeiten, dikhoornschapen en poema’s komen hier voor. Berggeiten zijn opvallend vaak te zien, vooral rondom Logan Pass of op de hogere wandelroutes bij Many Glacier. Voor vogelaars is Glacier een bijzonder gebied: je vindt er onder andere visarenden, arenden, blauwe gaaien en klippenspringers. De wateren van het park, zoals Swiftcurrent Lake en St. Mary Lake, zijn kraakhelder en worden gevoed door smeltwater van de nog resterende gletsjers. De gletsjers zelf, waarvan er nog zo’n 25 actief zijn, zijn kleiner dan vroeger, maar nog steeds indrukwekkend. Ze liggen vaak op moeilijk bereikbare plekken, zoals bovenaan de Grinnell Glacier Trail of in afgelegen valleien, maar bepalen het karakter van het landschap tot in de kleinste details. De geologie van Glacier National Park is uniek: gesteenteformaties van meer dan een miljard jaar oud steken hier aan de oppervlakte. En ondanks de populariteit van het park, zijn er genoeg plekken waar je uren niemand tegenkomt. Dat maakt het park niet alleen een mooie, maar ook een indrukwekkend stille bestemming, een van de weinige plekken waar je de natuur nog écht de ruimte voelt geven.
De natuur in Glacier National Park is rauw, afwisselend en verrassend stil. Door de hoge ligging van veel delen van het park kom je in korte tijd door meerdere klimaatzones. In de lagere delen, zoals rond Lake McDonald en Two Medicine, groeien uitgestrekte dennenbossen, terwijl je boven Logan Pass door alpenweides loopt vol wilde bloemen, met uitzicht op besneeuwde toppen. De vegetatie verandert mee met de hoogte, en die diversiteit trekt ook veel verschillende diersoorten aan. Glacier National Park is bekend om zijn relatief hoge dichtheid aan grizzlyberen, maar ook zwarte beren, elanden, berggeiten, dikhoornschapen en poema’s komen hier voor. Berggeiten zijn opvallend vaak te zien, vooral rondom Logan Pass of op de hogere wandelroutes bij Many Glacier. Voor vogelaars is Glacier een bijzonder gebied: je vindt er onder andere visarenden, arenden, blauwe gaaien en klippenspringers. De wateren van het park, zoals Swiftcurrent Lake en St. Mary Lake, zijn kraakhelder en worden gevoed door smeltwater van de nog resterende gletsjers. De gletsjers zelf, waarvan er nog zo’n 25 actief zijn, zijn kleiner dan vroeger, maar nog steeds indrukwekkend. Ze liggen vaak op moeilijk bereikbare plekken, zoals bovenaan de Grinnell Glacier Trail of in afgelegen valleien, maar bepalen het karakter van het landschap tot in de kleinste details. De geologie van Glacier National Park is uniek: gesteenteformaties van meer dan een miljard jaar oud steken hier aan de oppervlakte. En ondanks de populariteit van het park, zijn er genoeg plekken waar je uren niemand tegenkomt. Dat maakt het park niet alleen een mooie, maar ook een indrukwekkend stille bestemming, een van de weinige plekken waar je de natuur nog écht de ruimte voelt geven.
Glacier National Park is vooral een natuurpark, maar ook de bezienswaardigheden vertellen het verhaal van de regio. Begin bijvoorbeeld bij het Logan Pass Visitor Center, op het hoogste punt van de Going-to-the-Sun Road. Hier krijg je uitleg over de geologie, het klimaat, de dieren en wandelroutes in de omgeving, én je hebt direct toegang tot paden als de Hidden Lake Trail. Aan de westkant ligt Lake McDonald Lodge, een houten hotel uit 1913, gebouwd in klassieke Zwitserse stijl. Zelfs als je er niet slaapt, is het de moeite waard om even binnen te lopen. De lobby, het uitzicht vanaf het terras en de nabijheid van het meer geven je het gevoel een stap terug in de tijd te zetten. Meer naar het oosten vind je Many Glacier Hotel, met uitzicht op Swiftcurrent Lake. Ook hier draait het om rust en karakter, niet om luxe. Wie geïnteresseerd is in cultuur kan naar het St. Mary Visitor Center, waar ook aandacht is voor de geschiedenis van de Blackfeet Nation, de oorspronkelijke bewoners van het gebied. Buiten het park zijn er ook bezienswaardigheden die de moeite waard zijn: in Kalispell vind je het Conrad Mansion Museum, in Whitefish kun je met een stoeltjeslift omhoog voor uitzicht over de vallei en in het dorpje East Glacier Park ligt het indrukwekkende Glacier Park Lodge, met enorme pilaren van boomstammen in de lobby. Deze plekken geven context aan het landschap: je leert waar je eigenlijk bent, wie er woonden, hoe het is ontstaan. Glacier National Park draait niet alleen om plaatjes schieten, maar ook om begrijpen waar je doorheen reist, en dat maakt het verschil.
Glacier National Park is vooral een natuurpark, maar ook de bezienswaardigheden vertellen het verhaal van de regio. Begin bijvoorbeeld bij het Logan Pass Visitor Center, op het hoogste punt van de Going-to-the-Sun Road. Hier krijg je uitleg over de geologie, het klimaat, de dieren en wandelroutes in de omgeving, én je hebt direct toegang tot paden als de Hidden Lake Trail. Aan de westkant ligt Lake McDonald Lodge, een houten hotel uit 1913, gebouwd in klassieke Zwitserse stijl. Zelfs als je er niet slaapt, is het de moeite waard om even binnen te lopen. De lobby, het uitzicht vanaf het terras en de nabijheid van het meer geven je het gevoel een stap terug in de tijd te zetten. Meer naar het oosten vind je Many Glacier Hotel, met uitzicht op Swiftcurrent Lake. Ook hier draait het om rust en karakter, niet om luxe. Wie geïnteresseerd is in cultuur kan naar het St. Mary Visitor Center, waar ook aandacht is voor de geschiedenis van de Blackfeet Nation, de oorspronkelijke bewoners van het gebied. Buiten het park zijn er ook bezienswaardigheden die de moeite waard zijn: in Kalispell vind je het Conrad Mansion Museum, in Whitefish kun je met een stoeltjeslift omhoog voor uitzicht over de vallei en in het dorpje East Glacier Park ligt het indrukwekkende Glacier Park Lodge, met enorme pilaren van boomstammen in de lobby. Deze plekken geven context aan het landschap: je leert waar je eigenlijk bent, wie er woonden, hoe het is ontstaan. Glacier National Park draait niet alleen om plaatjes schieten, maar ook om begrijpen waar je doorheen reist, en dat maakt het verschil.
Glacier National Park ligt aan het noordelijke uiteinde van Montana en vormt een prachtig begin- of eindpunt van een rondreis door het noordwesten van de Verenigde Staten. Veel reizigers vertrekken vanuit Kalispell, waar je ook een luchthaven vindt, en combineren Glacier National Park met andere natuurgebieden in de regio. Een logische volgende stap is een rit naar het zuiden, via Highway 93 langs de westkant van Flathead Lake. Dit is het grootste zoetwatermeer ten westen van de Mississippi, met dorpjes als Lakeside, Polson en Bigfork. Je kunt hier overnachten in een lodge aan het water of in een kleinschalige B&B met uitzicht op het meer. Het is een ontspannen overgang van de ruige bergen van Glacier naar het zachtere, agrarische landschap van de Flathead Valley.
Reis je verder zuidwaarts, dan kom je uit in Missoula, een universiteitsstad aan de Clark Fork River met een levendige sfeer. Dit is een goede plek voor een stedelijke onderbreking van je natuurreis: goede koffie, boekenwinkels, brouwerijen en een compact centrum maken Missoula tot een verrassend leuke tussenstop. Overnachten kan hier in karakteristieke hotels of in boetiekstijl accommodaties in het centrum. Vanuit Missoula kun je vervolgens doorrijden naar Bozeman, of via een westelijke lus richting Idaho en de staten Oregon en Washington.
Een andere populaire vervolgroute is richting het zuidoosten, naar Yellowstone National Park. Deze route neemt je mee door het hart van Montana, via plaatsen als Helena en Livingston, en biedt onderweg landschappen die langzaam veranderen van bergen naar glooiende prairies en vulkanische plateaus. Yellowstone ligt op ongeveer 7 tot 8 uur rijden van Glacier National Park en vormt samen met Grand Teton National Park een spectaculaire afsluiter van je reis. Je kunt de afstand in twee dagen splitsen, bijvoorbeeld met een overnachting in Great Falls of Helena, en onderweg stops maken bij historische plekken zoals Gates of the Mountains of het Lewis & Clark Interpretive Center.
Voor wie avontuurlijker wil reizen, ligt ook Canada binnen handbereik. Via de grensovergang bij Chief Mountain kun je in een halve dag doorrijden naar Waterton Lakes National Park in Alberta, dat samen met Glacier onderdeel is van het International Peace Park. Dit Canadese park heeft net zo’n spectaculaire natuur, maar is vaak rustiger en biedt unieke uitzichten op meren en bergen. Een nachtje in Waterton Village, direct aan het meer, is een aanrader voor wie zijn reis internationaal wil uitbreiden.
Of je nu kiest voor een westelijke lus richting de Pacific Northwest, een zuidelijke tocht naar Yellowstone of een rustige roadtrip door Montana zelf – Glacier National Park vormt een natuurlijk ankerpunt in je route. Vanuit de bergen kun je alle kanten op, en bij UStravel.nl helpen we je graag met het uitdenken van een route die past bij jouw tempo, interesses en reisstijl. Inclusief handige overnachtingstips, logische stops en natuurlijk de mooiste natuur tussen de bestemmingen in.
Glacier National Park ligt aan het noordelijke uiteinde van Montana en vormt een prachtig begin- of eindpunt van een rondreis door het noordwesten van de Verenigde Staten. Veel reizigers vertrekken vanuit Kalispell, waar je ook een luchthaven vindt, en combineren Glacier National Park met andere natuurgebieden in de regio. Een logische volgende stap is een rit naar het zuiden, via Highway 93 langs de westkant van Flathead Lake. Dit is het grootste zoetwatermeer ten westen van de Mississippi, met dorpjes als Lakeside, Polson en Bigfork. Je kunt hier overnachten in een lodge aan het water of in een kleinschalige B&B met uitzicht op het meer. Het is een ontspannen overgang van de ruige bergen van Glacier naar het zachtere, agrarische landschap van de Flathead Valley.
Reis je verder zuidwaarts, dan kom je uit in Missoula, een universiteitsstad aan de Clark Fork River met een levendige sfeer. Dit is een goede plek voor een stedelijke onderbreking van je natuurreis: goede koffie, boekenwinkels, brouwerijen en een compact centrum maken Missoula tot een verrassend leuke tussenstop. Overnachten kan hier in karakteristieke hotels of in boetiekstijl accommodaties in het centrum. Vanuit Missoula kun je vervolgens doorrijden naar Bozeman, of via een westelijke lus richting Idaho en de staten Oregon en Washington.
Een andere populaire vervolgroute is richting het zuidoosten, naar Yellowstone National Park. Deze route neemt je mee door het hart van Montana, via plaatsen als Helena en Livingston, en biedt onderweg landschappen die langzaam veranderen van bergen naar glooiende prairies en vulkanische plateaus. Yellowstone ligt op ongeveer 7 tot 8 uur rijden van Glacier National Park en vormt samen met Grand Teton National Park een spectaculaire afsluiter van je reis. Je kunt de afstand in twee dagen splitsen, bijvoorbeeld met een overnachting in Great Falls of Helena, en onderweg stops maken bij historische plekken zoals Gates of the Mountains of het Lewis & Clark Interpretive Center.
Voor wie avontuurlijker wil reizen, ligt ook Canada binnen handbereik. Via de grensovergang bij Chief Mountain kun je in een halve dag doorrijden naar Waterton Lakes National Park in Alberta, dat samen met Glacier onderdeel is van het International Peace Park. Dit Canadese park heeft net zo’n spectaculaire natuur, maar is vaak rustiger en biedt unieke uitzichten op meren en bergen. Een nachtje in Waterton Village, direct aan het meer, is een aanrader voor wie zijn reis internationaal wil uitbreiden.
Of je nu kiest voor een westelijke lus richting de Pacific Northwest, een zuidelijke tocht naar Yellowstone of een rustige roadtrip door Montana zelf – Glacier National Park vormt een natuurlijk ankerpunt in je route. Vanuit de bergen kun je alle kanten op, en bij UStravel.nl helpen we je graag met het uitdenken van een route die past bij jouw tempo, interesses en reisstijl. Inclusief handige overnachtingstips, logische stops en natuurlijk de mooiste natuur tussen de bestemmingen in.
Glacier National Park ligt in het noordwesten van Montana, tegen de Canadese grens, en is een van de meest indrukwekkende nationale parken van de Verenigde Staten. Niet alleen vanwege de landschappen – scherpe bergpieken, kristalheldere meren, uitgestrekte bossen en diepe dalen – maar ook door de pure, ongerepte sfeer die je overal voelt. Hier zie je nog hoe Noord-Amerika er duizenden jaren geleden uitzag: zonder bebouwing, zonder lichtvervuiling, zonder asfalt behalve op de hoofdweg.
Glacier National Park werd in 1910 opgericht en is sindsdien uitgegroeid tot een symbool van het ruige noorden. Het park telt meer dan één miljoen hectare aan wildernis, met een netwerk van meer dan 1100 kilometer aan wandelroutes en tientallen gletsjers, waarvan er vandaag nog ongeveer 25 actief zijn.
De bekendste route door Glacier National Park is de Going-to-the-Sun Road. Deze 80 kilometer lange bergweg loopt dwars door het park, van west naar oost, en verbindt de dichtbegroeide bossen bij Lake McDonald met de kale pieken en open valleien bij St. Mary. Het is geen brede snelweg – eerder een smalle, kronkelige route met spectaculaire uitzichten en haarspeldbochten, soms zonder vangrail. Onderweg passeer je uitzichtpunten, wandelroutes en trailheads die uitnodigen tot een stop, hoe kort of lang je bezoek ook is.
Vooral het deel bij Logan Pass, het hoogste punt van de weg, is een hoogtepunt: hier wandel je tussen berggeiten en marmotten, met uitzicht op de met sneeuw bedekte toppen van de Continental Divide. Deze weg is maar een paar maanden per jaar volledig open – meestal van eind juni tot begin oktober – vanwege sneeuw en lawinegevaar.
De westkant van Glacier National Park is groener, lager en toegankelijker. Hier ligt Apgar Village, waar je bezoekerscentra, een campground en de oever van Lake McDonald vindt – een meer van 16 kilometer lang met opvallend gekleurde keien langs de waterlijn. Dit deel van het park is goed bereikbaar vanuit Kalispell en Whitefish, waardoor het ook het drukst bezocht wordt. Maar zodra je een wandelpad op stapt, merk je hoe snel je weer alleen bent. Routes als Avalanche Lake, Hidden Lake en Snyder Lake zijn ideaal voor dagwandelingen.
De oostkant van het park, met uitvalsbases zoals St. Mary, Browning en Two Medicine, is ruiger en voelt minder toeristisch. De landschappen zijn er droger, met steilere pieken en een grotere kans op het spotten van wildlife zoals grizzlyberen, elanden of berggeiten. Many Glacier, in het noordoosten van Glacier National Park, wordt vaak gezien als het mooiste deel van het park. Hier liggen diepblauwe meren als Swiftcurrent Lake en Grinnell Lake, omringd door steile rotswanden en gletsjers.
De wandelroutes in dit gebied zijn spectaculair – soms pittig, maar altijd de moeite waard. Denk aan de Grinnell Glacier Trail of de Iceberg Lake Trail, waar je soms zelfs nog drijvende ijsschotsen ziet in juli. In dit deel van het park kun je ook overnachten in de historische Many Glacier Hotel, een Zwitsers aandoende lodge uit 1915, met uitzicht over het meer en de bergen.
Overnachten in Glacier National Park vraagt om planning. In het park zelf zijn verschillende campings – sommige op basis van reservering, andere first-come, first-served. In het hoogseizoen kunnen deze snel vol raken. Buiten het park zijn er volop opties in plaatsen als Kalispell, Whitefish, Columbia Falls of East Glacier Park. Deze dorpen liggen op 30 tot 60 minuten rijden van de parkgrenzen, en bieden alles wat je nodig hebt: restaurants, supermarkten, benzine en accommodaties variërend van eenvoudige cabins tot moderne lodges.
Glacier National Park is meer dan een plek om foto’s te maken. Het is een park waar je vertraagt, waar je misschien voor het eerst een grizzly op afstand ziet, waar je op een smal pad loopt met alleen het geluid van je eigen stappen en de wind door de bomen. Veel reizigers kiezen ervoor om een paar dagen in Glacier te blijven, juist omdat er zo veel te doen is – van korte wandelingen tot meerdaagse tochten met overnachting in de wildernis. Je hebt geen ervaring nodig om hier te wandelen, maar wel goede schoenen, laagjes kleding en respect voor de natuur. Beren, elanden en andere grote dieren zijn hier geen uitzondering maar onderdeel van het landschap – en dat vraagt om bewustzijn en voorbereiding.
Wat Glacier National Park ook uniek maakt, is dat het samen met het aangrenzende Waterton Lakes National Park in Canada het enige International Peace Park ter wereld vormt. Deze grensoverschrijdende samenwerking onderstreept het belang van natuurbehoud over grenzen heen. Reizigers met een paspoort en zin in avontuur kunnen zelfs een dagtocht maken naar Canada, via de Chief Mountain grensovergang.
Een bezoek aan Glacier National Park is niet alleen een visuele ervaring, maar ook een fysieke. Je ruikt dennennaalden, hoort het klotsen van water in rivieren en voelt het temperatuurverschil tussen het dal en de bergpassen. Zelfs op warme zomerdagen kan het boven op Logan Pass fris zijn – een trui of jas is dus geen overbodige luxe. Ook de lucht is opvallend schoon: door de ligging en geringe menselijke invloed zie je hier op heldere nachten de Melkweg met het blote oog.
Tot slot is bereikbaarheid belangrijk. Glacier National Park is het makkelijkst te bereiken via het vliegveld van Kalispell (Glacier Park International Airport), met directe vluchten vanuit steden als Denver, Seattle en Salt Lake City. Ook kun je het park opnemen in een langere roadtrip door Montana, bijvoorbeeld in combinatie met Yellowstone National Park, via Bozeman en Missoula.
Welke kant je ook op reist: Glacier National Park is een bestemming die blijft hangen. Niet vanwege het grootse gebaar, maar juist omdat het zo écht is. Wild, ruig, stil – en onveranderd.
Glacier National Park ligt in het noordwesten van Montana, tegen de Canadese grens, en is een van de meest indrukwekkende nationale parken van de Verenigde Staten. Niet alleen vanwege de landschappen – scherpe bergpieken, kristalheldere meren, uitgestrekte bossen en diepe dalen – maar ook door de pure, ongerepte sfeer die je overal voelt. Hier zie je nog hoe Noord-Amerika er duizenden jaren geleden uitzag: zonder bebouwing, zonder lichtvervuiling, zonder asfalt behalve op de hoofdweg.
Glacier National Park werd in 1910 opgericht en is sindsdien uitgegroeid tot een symbool van het ruige noorden. Het park telt meer dan één miljoen hectare aan wildernis, met een netwerk van meer dan 1100 kilometer aan wandelroutes en tientallen gletsjers, waarvan er vandaag nog ongeveer 25 actief zijn.
De bekendste route door Glacier National Park is de Going-to-the-Sun Road. Deze 80 kilometer lange bergweg loopt dwars door het park, van west naar oost, en verbindt de dichtbegroeide bossen bij Lake McDonald met de kale pieken en open valleien bij St. Mary. Het is geen brede snelweg – eerder een smalle, kronkelige route met spectaculaire uitzichten en haarspeldbochten, soms zonder vangrail. Onderweg passeer je uitzichtpunten, wandelroutes en trailheads die uitnodigen tot een stop, hoe kort of lang je bezoek ook is.
Vooral het deel bij Logan Pass, het hoogste punt van de weg, is een hoogtepunt: hier wandel je tussen berggeiten en marmotten, met uitzicht op de met sneeuw bedekte toppen van de Continental Divide. Deze weg is maar een paar maanden per jaar volledig open – meestal van eind juni tot begin oktober – vanwege sneeuw en lawinegevaar.
De westkant van Glacier National Park is groener, lager en toegankelijker. Hier ligt Apgar Village, waar je bezoekerscentra, een campground en de oever van Lake McDonald vindt – een meer van 16 kilometer lang met opvallend gekleurde keien langs de waterlijn. Dit deel van het park is goed bereikbaar vanuit Kalispell en Whitefish, waardoor het ook het drukst bezocht wordt. Maar zodra je een wandelpad op stapt, merk je hoe snel je weer alleen bent. Routes als Avalanche Lake, Hidden Lake en Snyder Lake zijn ideaal voor dagwandelingen.
De oostkant van het park, met uitvalsbases zoals St. Mary, Browning en Two Medicine, is ruiger en voelt minder toeristisch. De landschappen zijn er droger, met steilere pieken en een grotere kans op het spotten van wildlife zoals grizzlyberen, elanden of berggeiten. Many Glacier, in het noordoosten van Glacier National Park, wordt vaak gezien als het mooiste deel van het park. Hier liggen diepblauwe meren als Swiftcurrent Lake en Grinnell Lake, omringd door steile rotswanden en gletsjers.
De wandelroutes in dit gebied zijn spectaculair – soms pittig, maar altijd de moeite waard. Denk aan de Grinnell Glacier Trail of de Iceberg Lake Trail, waar je soms zelfs nog drijvende ijsschotsen ziet in juli. In dit deel van het park kun je ook overnachten in de historische Many Glacier Hotel, een Zwitsers aandoende lodge uit 1915, met uitzicht over het meer en de bergen.
Overnachten in Glacier National Park vraagt om planning. In het park zelf zijn verschillende campings – sommige op basis van reservering, andere first-come, first-served. In het hoogseizoen kunnen deze snel vol raken. Buiten het park zijn er volop opties in plaatsen als Kalispell, Whitefish, Columbia Falls of East Glacier Park. Deze dorpen liggen op 30 tot 60 minuten rijden van de parkgrenzen, en bieden alles wat je nodig hebt: restaurants, supermarkten, benzine en accommodaties variërend van eenvoudige cabins tot moderne lodges.
Glacier National Park is meer dan een plek om foto’s te maken. Het is een park waar je vertraagt, waar je misschien voor het eerst een grizzly op afstand ziet, waar je op een smal pad loopt met alleen het geluid van je eigen stappen en de wind door de bomen. Veel reizigers kiezen ervoor om een paar dagen in Glacier te blijven, juist omdat er zo veel te doen is – van korte wandelingen tot meerdaagse tochten met overnachting in de wildernis. Je hebt geen ervaring nodig om hier te wandelen, maar wel goede schoenen, laagjes kleding en respect voor de natuur. Beren, elanden en andere grote dieren zijn hier geen uitzondering maar onderdeel van het landschap – en dat vraagt om bewustzijn en voorbereiding.
Wat Glacier National Park ook uniek maakt, is dat het samen met het aangrenzende Waterton Lakes National Park in Canada het enige International Peace Park ter wereld vormt. Deze grensoverschrijdende samenwerking onderstreept het belang van natuurbehoud over grenzen heen. Reizigers met een paspoort en zin in avontuur kunnen zelfs een dagtocht maken naar Canada, via de Chief Mountain grensovergang.
Een bezoek aan Glacier National Park is niet alleen een visuele ervaring, maar ook een fysieke. Je ruikt dennennaalden, hoort het klotsen van water in rivieren en voelt het temperatuurverschil tussen het dal en de bergpassen. Zelfs op warme zomerdagen kan het boven op Logan Pass fris zijn – een trui of jas is dus geen overbodige luxe. Ook de lucht is opvallend schoon: door de ligging en geringe menselijke invloed zie je hier op heldere nachten de Melkweg met het blote oog.
Tot slot is bereikbaarheid belangrijk. Glacier National Park is het makkelijkst te bereiken via het vliegveld van Kalispell (Glacier Park International Airport), met directe vluchten vanuit steden als Denver, Seattle en Salt Lake City. Ook kun je het park opnemen in een langere roadtrip door Montana, bijvoorbeeld in combinatie met Yellowstone National Park, via Bozeman en Missoula.
Welke kant je ook op reist: Glacier National Park is een bestemming die blijft hangen. Niet vanwege het grootse gebaar, maar juist omdat het zo écht is. Wild, ruig, stil – en onveranderd.
Gewoon goed geregeld, zodat je ter plekke niets hoeft te improviseren


Glacier National Park kent duidelijke seizoenen, en wanneer je het park bezoekt, maakt een groot verschil. De beste reistijd is van half juni tot eind september. In deze periode is de iconische Going-to-the-Sun Road volledig open, zijn de meeste wandelroutes sneeuwvrij, en is het aanbod aan tours, accommodaties en shuttles op z’n grootst. Juli en augustus zijn het populairst, maar ook het drukst – wie rust zoekt, kiest bij voorkeur voor eind juni of september. Buiten deze maanden is het park deels beperkt toegankelijk, met name op grotere hoogte, en kunnen wandelroutes of wegen nog (of al) gesloten zijn door sneeuwval of weersomstandigheden.
De winter is indrukwekkend, maar vraagt ervaring: alleen de westkant van het park is dan bereikbaar en je bent aangewezen op sneeuwschoenroutes of langlauftochten. Voor de gemiddelde bezoeker zonder winteruitrusting zijn lente en herfst mooie overgangsperiodes, maar de natuur is dan grilliger.


Voor 8:00 uur rijden betekent minder drukte bij trailheads en meer kans op wildlife.
Het weer kan snel omslaan, zelfs midden in de zomer.
Er is vaak geen mobiel bereik in het park, zeker in afgelegen delen.
Glacier is grizzlygebied, een busje bear spray hoort standaard in je uitrusting.
In het park zelf zijn nauwelijks voorzieningen buiten de grotere lodges.
Reizigers die bij ons hebben geboekt, delen hier hun ervaringen. Over de voorbereiding, de reis zelf en hoe het is om met ons samen te werken. Deze reviews geven een eerlijk beeld van wat je van ons kunt verwachten. Gemiddeld scoren we een 9,3 uit 157 beoordelingen!