9,3 uit 568 beoordelingen

Net voor de grens met Canada, aan de noordwestkust van Washington State, ligt een eilandengroep die zó anders voelt dan de rest van de Verenigde Staten dat je je bijna in een ander land waant. De San Juan Islands bestaan uit meer dan 170 eilanden, maar slechts een handvol is bewoond en toegankelijk per ferry of watervliegtuig. Hier rijd je niet van stad naar stad, maar van eiland naar eiland. In plaats van snelwegen zijn er rustige wegen die slingeren langs baaitjes, bossen en weilanden met schapen.
Het tempo ligt hier lager, de lucht is fris en de kans dat je een orka ziet zwemmen is groter dan dat je in de file komt. De eilanden zijn geliefd bij natuurliefhebbers, wandelaars, fietsers en rustzoekers, en vormen een perfecte onderbreking tijdens een rondreis door Washington State. Of je nu komt voor de indrukwekkende natuur, het spotten van wildlife of gewoon om een paar dagen op adem te komen aan het water: een vakantie naar de San Juan Islands is een bijzondere ervaring die nog lang blijft hangen.

In de sectie Wat te doen! vind je normaal gesproken een overzicht van excursies in deze plaats.
Op dit moment zijn er helaas nog geen items beschikbaar.
We werken eraan om binnenkort inspirerende excursies toe te voegen.
Scroll gerust verder voor alle andere informatie over deze plaats, van hoogtepunten tot praktische tips!
Boek je een rondreis door Amerika met UStravel.nl? Dan maken wij met liefde een persoonlijk routeboek voor je, helemaal afgestemd op jouw reis. In dit boek vind je alle informatie die je nodig hebt: van je huurauto en hotels tot de mooiste stops onderweg, leuke tips en praktische reistijden.
Geen standaardgids, maar een routeboek dat naadloos aansluit op jouw reisschema. Zo weet je precies wat je wanneer kunt verwachten en reis je ontspannen van dag tot dag.
Boek je een rondreis door Amerika met UStravel.nl? Dan maken wij met liefde een persoonlijk routeboek voor je, helemaal afgestemd op jouw reis. In dit boek vind je alle informatie die je nodig hebt: van je huurauto en hotels tot de mooiste stops onderweg, leuke tips en praktische reistijden.
Geen standaardgids, maar een routeboek dat naadloos aansluit op jouw reisschema. Zo weet je precies wat je wanneer kunt verwachten en reis je ontspannen van dag tot dag.

De San Juan Islands liggen strategisch in de Salish Sea, tussen het Amerikaanse vasteland van Washington en het zuidelijke puntje van Vancouver Island in Canada. Ze behoren officieel tot de Verenigde Staten, maar wie hier rondrijdt, proeft invloeden uit meerdere windrichtingen: Britse kolonisten, Canadese vissers, hippie-kunstenaars uit de jaren zeventig en de Coast Salish-volkeren die deze eilanden al duizenden jaren bewoonden. Dat maakt het cultureel gezien een bijzondere plek, waar tradities, natuurbescherming en gemeenschapszin hand in hand gaan.
De San Juan Islands zijn bereikbaar met de ferry vanuit Anacortes, of per watervliegtuig vanuit Seattle. Beide routes zijn een ervaring op zich: de ferry vaart langs kleine eilandjes, met kans op zeehonden en dolfijnen onderweg. De vlucht met een watervliegtuig geeft je een spectaculair uitzicht over de eilandengroep, met blauwgroene waterwegen en beboste heuvels. Door hun afgelegen ligging waren de eilanden lange tijd gericht op zelfvoorziening. In de 19e eeuw mondde het onduidelijke eigenaarschap zelfs uit in de zogeheten 'Pig War', een diplomatiek conflict tussen de Britten en Amerikanen dat begon na het neerschieten van een varken. Gelukkig bleef het bij woorden en wachttorens.
Vandaag de dag zijn de San Juan Islands een oase van rust, geliefd bij reizigers die de drukte van de stad willen ontlopen. De mix van ruige natuur, maritieme geschiedenis, eilandmentaliteit en kleinschalig toerisme zorgt voor een bestemming die nog steeds voelt als een goed bewaard geheim.
De San Juan Islands liggen strategisch in de Salish Sea, tussen het Amerikaanse vasteland van Washington en het zuidelijke puntje van Vancouver Island in Canada. Ze behoren officieel tot de Verenigde Staten, maar wie hier rondrijdt, proeft invloeden uit meerdere windrichtingen: Britse kolonisten, Canadese vissers, hippie-kunstenaars uit de jaren zeventig en de Coast Salish-volkeren die deze eilanden al duizenden jaren bewoonden. Dat maakt het cultureel gezien een bijzondere plek, waar tradities, natuurbescherming en gemeenschapszin hand in hand gaan.
De San Juan Islands zijn bereikbaar met de ferry vanuit Anacortes, of per watervliegtuig vanuit Seattle. Beide routes zijn een ervaring op zich: de ferry vaart langs kleine eilandjes, met kans op zeehonden en dolfijnen onderweg. De vlucht met een watervliegtuig geeft je een spectaculair uitzicht over de eilandengroep, met blauwgroene waterwegen en beboste heuvels. Door hun afgelegen ligging waren de eilanden lange tijd gericht op zelfvoorziening. In de 19e eeuw mondde het onduidelijke eigenaarschap zelfs uit in de zogeheten 'Pig War', een diplomatiek conflict tussen de Britten en Amerikanen dat begon na het neerschieten van een varken. Gelukkig bleef het bij woorden en wachttorens.
Vandaag de dag zijn de San Juan Islands een oase van rust, geliefd bij reizigers die de drukte van de stad willen ontlopen. De mix van ruige natuur, maritieme geschiedenis, eilandmentaliteit en kleinschalig toerisme zorgt voor een bestemming die nog steeds voelt als een goed bewaard geheim.
Hoewel San Juan Island en Orcas Island de meeste bezoekers trekken, zijn er ook genoeg hoeken waar je nauwelijks iemand tegenkomt. Op het zuidpunt van San Juan Island ligt bijvoorbeeld Cattle Point, waar de zee, duinen en prairie samenkomen. Hier wandel je tussen wuivend gras, geurige salieplanten en basaltrotsen. Je hoort niets behalve de wind en het geluid van je eigen stappen. Dit is de plek waar je voelt hoe ongerept deze regio eigenlijk nog is. Je hebt hier uitzicht over de zeestraat richting Canada, met op een heldere dag zicht op Mount Rainier én Mount Baker.
Ook op Orcas Island zijn er rustige pareltjes te vinden. De wandeling naar Turtleback Mountain is minder bekend dan Mount Constitution, maar biedt minstens zo’n mooi uitzicht, met minder zweet, minder bezoekers en net zo veel voldoening. De klim is gestaag, langs varens, oude bomen en open plekken waar herten rustig staan te grazen. Eenmaal boven wacht een 360-graden uitzicht over eilanden, bergen en het glinsterende water.
Op Lopez Island voelt elke plek een beetje als een ontdekking. Je fietst er over rustige wegen, zwaait automatisch terug naar elke bestuurder en stopt bij kraampjes langs de weg waar potten honing en bossen bloemen te koop zijn. Gewoon op goed vertrouwen, geld stop je in een blikje. In het kleine Lopez Village drink je koffie met zicht op zee, struin je door een boekenwinkeltje waar alles op kleur staat, of bestel je versgebakken taart bij een bakkerij waar je nog cash kunt betalen.
Wie het écht off-the-grid wil maken, neemt de ferry naar Shaw Island, het kleinste bewoonde eiland van de groep. Hier is geen supermarkt, geen hotels en nauwelijks verkeer. Maar je vindt er wel een kleine camping direct aan zee, een bibliotheek ter grootte van een tuinhuis en een wandelpad dat je leidt naar een afgelegen baai met uitzicht op de Canadese kustlijn.
Hoewel San Juan Island en Orcas Island de meeste bezoekers trekken, zijn er ook genoeg hoeken waar je nauwelijks iemand tegenkomt. Op het zuidpunt van San Juan Island ligt bijvoorbeeld Cattle Point, waar de zee, duinen en prairie samenkomen. Hier wandel je tussen wuivend gras, geurige salieplanten en basaltrotsen. Je hoort niets behalve de wind en het geluid van je eigen stappen. Dit is de plek waar je voelt hoe ongerept deze regio eigenlijk nog is. Je hebt hier uitzicht over de zeestraat richting Canada, met op een heldere dag zicht op Mount Rainier én Mount Baker.
Ook op Orcas Island zijn er rustige pareltjes te vinden. De wandeling naar Turtleback Mountain is minder bekend dan Mount Constitution, maar biedt minstens zo’n mooi uitzicht, met minder zweet, minder bezoekers en net zo veel voldoening. De klim is gestaag, langs varens, oude bomen en open plekken waar herten rustig staan te grazen. Eenmaal boven wacht een 360-graden uitzicht over eilanden, bergen en het glinsterende water.
Op Lopez Island voelt elke plek een beetje als een ontdekking. Je fietst er over rustige wegen, zwaait automatisch terug naar elke bestuurder en stopt bij kraampjes langs de weg waar potten honing en bossen bloemen te koop zijn. Gewoon op goed vertrouwen, geld stop je in een blikje. In het kleine Lopez Village drink je koffie met zicht op zee, struin je door een boekenwinkeltje waar alles op kleur staat, of bestel je versgebakken taart bij een bakkerij waar je nog cash kunt betalen.
Wie het écht off-the-grid wil maken, neemt de ferry naar Shaw Island, het kleinste bewoonde eiland van de groep. Hier is geen supermarkt, geen hotels en nauwelijks verkeer. Maar je vindt er wel een kleine camping direct aan zee, een bibliotheek ter grootte van een tuinhuis en een wandelpad dat je leidt naar een afgelegen baai met uitzicht op de Canadese kustlijn.
De San Juan Islands zijn geen tropisch paradijs, maar wie van natuur houdt, komt hier volop aan z’n trekken. Het landschap is verrassend afwisselend. Dichte dennen- en cederbossen wisselen af met open graslanden, kleurrijke bloemenweiden, steile kliffen en verborgen kiezelstranden. Bij laag water verschijnen getijdenpoelen vol zeeanemonen, krabbetjes en zeesterren. Het licht verandert elk uur, en de geur van zout water, mos en naaldhout hangt overal in de lucht.
Maar het echte spektakel zit vaak in het water. De Salish Sea is een van de beste plekken ter wereld om orka’s in het wild te zien. Er leven hier verschillende pods, familiegroepen met hun eigen 'dialect' en gedrag, die regelmatig worden gespot vanaf de kust of tijdens begeleide boottochten. Ook bultruggen, bruinvissen, zeeleeuwen en dolfijnen laten zich vaak zien. De natuur lijkt hier altijd in beweging.
Langs de kust zweven arenden in cirkels boven het water, terwijl blauwe reigers statig op rotsen wachten tot er vis voorbij zwemt. In de getijdenpoelen zie je zeekomkommers, mosselen en slakken in minilandschappen vol kleur. Op het land kom je geregeld herten tegen, soms zelfs midden in een dorp, en de speelse rivierotter is een vaste bewoner van de rotskusten. In de lucht hoor je vaak de kenmerkende roep van de bald eagle, de Amerikaanse zeearend.
Wat deze bestemming extra bijzonder maakt, is dat je het meeste wildlife gewoon kunt zien tijdens een wandeling, picknick of kajaktocht. Geen groots georganiseerde safari, maar natuur die zich toont op haar eigen voorwaarden, als jij maar goed oplet.
De San Juan Islands zijn geen tropisch paradijs, maar wie van natuur houdt, komt hier volop aan z’n trekken. Het landschap is verrassend afwisselend. Dichte dennen- en cederbossen wisselen af met open graslanden, kleurrijke bloemenweiden, steile kliffen en verborgen kiezelstranden. Bij laag water verschijnen getijdenpoelen vol zeeanemonen, krabbetjes en zeesterren. Het licht verandert elk uur, en de geur van zout water, mos en naaldhout hangt overal in de lucht.
Maar het echte spektakel zit vaak in het water. De Salish Sea is een van de beste plekken ter wereld om orka’s in het wild te zien. Er leven hier verschillende pods, familiegroepen met hun eigen 'dialect' en gedrag, die regelmatig worden gespot vanaf de kust of tijdens begeleide boottochten. Ook bultruggen, bruinvissen, zeeleeuwen en dolfijnen laten zich vaak zien. De natuur lijkt hier altijd in beweging.
Langs de kust zweven arenden in cirkels boven het water, terwijl blauwe reigers statig op rotsen wachten tot er vis voorbij zwemt. In de getijdenpoelen zie je zeekomkommers, mosselen en slakken in minilandschappen vol kleur. Op het land kom je geregeld herten tegen, soms zelfs midden in een dorp, en de speelse rivierotter is een vaste bewoner van de rotskusten. In de lucht hoor je vaak de kenmerkende roep van de bald eagle, de Amerikaanse zeearend.
Wat deze bestemming extra bijzonder maakt, is dat je het meeste wildlife gewoon kunt zien tijdens een wandeling, picknick of kajaktocht. Geen groots georganiseerde safari, maar natuur die zich toont op haar eigen voorwaarden, als jij maar goed oplet.
Naast natuur en rust hebben de eilanden ook cultureel en historisch wat te bieden. Op San Juan Island kun je terecht bij American Camp en English Camp – restanten van de tijd waarin zowel de Britten als de Amerikanen aanspraak maakten op deze regio. Je wandelt hier langs heuvels, militaire wachttorens en uitkijkpunten over zee. De oude vlaggenmasten staan er nog, net als restanten van houten barakken en een kleine begraafplaats. Via informatieborden leer je over de vreemde ‘varkensoorlog’ en het diplomatieke steekspel dat volgde. Het landschap eromheen is indrukwekkend: rollende heuvels, zeelucht, en wilde bloemen in het voorjaar.
Friday Harbor, het grootste plaatsje op San Juan Island, is charmant en compact. Hier vind je het Whale Museum, een kleinschalig maar informatief museum over de lokale orka-populatie. Elk familielid heeft een naam, en bezoekers leren hoe de dieren leven, communiceren en beschermd worden. De haven zelf is een fijne plek om wat rond te slenteren: kunstgalerijen, ijssalons, lokale bierbrouwers en gezellige restaurants wisselen elkaar af.
Op Orcas Island mag een bezoek aan Mount Constitution niet ontbreken. Deze berg is met zijn 731 meter het hoogste punt van de eilanden, en vanaf de oude stenen uitkijktoren zie je op heldere dagen Mount Baker, de Canadese kust en tientallen eilandjes verspreid in de zee. De weg ernaartoe slingert door bossen en open plekken, en is al een ervaring op zich. Het omliggende Moran State Park is perfect voor wandelingen, kanoën of een lunch bij een van de meren.
Liever iets luchtigers? Bezoek dan een van de lavendelfarms, geitenboerderijen of kunstenaarsateliers. Bij Orcas Island Pottery, bijvoorbeeld, koop je handgemaakt aardewerk met uitzicht over de baai, terwijl kinderen zelf een bord of beker mogen glazuren. Op zaterdag kun je de boerenmarkt bezoeken, met live muziek, zelfgebakken brood, huisgemaakte jam en vrolijke gesprekken tussen locals.
Een smakelijke afsluiter is de San Juan Islands Farm Trail, een route langs lokale producenten van kaas, cider, groenten en honing. Bij sommige boerderijen kun je zelf plukken of proeven. Het is de ideale manier om langzaam door het landschap te rijden, onderweg te stoppen waar je zin in hebt en echt te proeven wat deze eilanden zo bijzonder maakt.
Naast natuur en rust hebben de eilanden ook cultureel en historisch wat te bieden. Op San Juan Island kun je terecht bij American Camp en English Camp – restanten van de tijd waarin zowel de Britten als de Amerikanen aanspraak maakten op deze regio. Je wandelt hier langs heuvels, militaire wachttorens en uitkijkpunten over zee. De oude vlaggenmasten staan er nog, net als restanten van houten barakken en een kleine begraafplaats. Via informatieborden leer je over de vreemde ‘varkensoorlog’ en het diplomatieke steekspel dat volgde. Het landschap eromheen is indrukwekkend: rollende heuvels, zeelucht, en wilde bloemen in het voorjaar.
Friday Harbor, het grootste plaatsje op San Juan Island, is charmant en compact. Hier vind je het Whale Museum, een kleinschalig maar informatief museum over de lokale orka-populatie. Elk familielid heeft een naam, en bezoekers leren hoe de dieren leven, communiceren en beschermd worden. De haven zelf is een fijne plek om wat rond te slenteren: kunstgalerijen, ijssalons, lokale bierbrouwers en gezellige restaurants wisselen elkaar af.
Op Orcas Island mag een bezoek aan Mount Constitution niet ontbreken. Deze berg is met zijn 731 meter het hoogste punt van de eilanden, en vanaf de oude stenen uitkijktoren zie je op heldere dagen Mount Baker, de Canadese kust en tientallen eilandjes verspreid in de zee. De weg ernaartoe slingert door bossen en open plekken, en is al een ervaring op zich. Het omliggende Moran State Park is perfect voor wandelingen, kanoën of een lunch bij een van de meren.
Liever iets luchtigers? Bezoek dan een van de lavendelfarms, geitenboerderijen of kunstenaarsateliers. Bij Orcas Island Pottery, bijvoorbeeld, koop je handgemaakt aardewerk met uitzicht over de baai, terwijl kinderen zelf een bord of beker mogen glazuren. Op zaterdag kun je de boerenmarkt bezoeken, met live muziek, zelfgebakken brood, huisgemaakte jam en vrolijke gesprekken tussen locals.
Een smakelijke afsluiter is de San Juan Islands Farm Trail, een route langs lokale producenten van kaas, cider, groenten en honing. Bij sommige boerderijen kun je zelf plukken of proeven. Het is de ideale manier om langzaam door het landschap te rijden, onderweg te stoppen waar je zin in hebt en echt te proeven wat deze eilanden zo bijzonder maakt.
Een bezoek aan de San Juan Islands voelt vaak als een pauze in je reis. Alles gaat er net wat trager, de natuur is tastbaar dichtbij en de sfeer is ontspannen. Maar zodra je de ferry weer afrijdt of uit het watervliegtuig stapt, ligt de rest van het noordwesten van Amerika weer aan je voeten. De eilanden vormen een natuurlijk knooppunt voor wie Washington State verder wil ontdekken of zelfs de grens over wil steken naar Canada.
Rijd je terug naar het zuiden, dan is Seattle de meest voor de hand liggende volgende stop. Binnen zo’n twee uur ben je weer in de stad, waar de skyline, koffiecultuur en markten zorgen voor een compleet andere sfeer dan op de eilanden. Overnachten kan bijvoorbeeld in de wijk Ballard, waar je dichtbij het water zit en toch net buiten de drukte van downtown blijft. Vanuit Seattle kun je eenvoudig verder reizen naar Mount Rainier, de Olympic Peninsula of via de Interstate richting Oregon.
Liever meer natuur? Dan is een route oostwaarts richting de North Cascades een aanrader. Via een kronkelende scenic byway rijd je dwars door het nationale park, langs steile bergwanden, smaragdgroene meren en verlaten trailheads. Overnachten doe je bijvoorbeeld in Winthrop, een wildwestachtig dorpje met houten gevels en charmante lodges. Deze route geeft je een totaal andere kijk op Washington: ruiger, bergachtiger en veel minder bewoond.
Een andere mooie keuze is om je reis richting het Olympic National Park te vervolgen. Vanuit Anacortes of Port Townsend steek je per ferry over naar de westkant van de staat. Hier vind je een combinatie van regenwoud, bergen en ruige kustlijn. Je kunt overnachten in lodges in de buurt van Lake Crescent of verder doorrijden naar Forks, beroemd onder Twilight-fans maar bovenal omringd door natuur.
Voor wie de grens over wil steken, is Vancouver Island een logische verlenging van de reis. Vanuit Sidney of Victoria kun je met de ferry terug naar het Amerikaanse vasteland, of je plant eerst een paar nachten in de Canadese stad Victoria in. Hier komt de mix van Brits erfgoed en westkustnatuur op een verrassend ontspannen manier samen.
Welke route je ook kiest, de overgang van de San Juan Islands naar het vasteland voelt altijd even gek. Alsof je wakker wordt uit een droom waar alles klopte: de natuur, het tempo, de lucht. Gelukkig hoef je dat gevoel niet los te laten. Wij helpen je graag met het plannen van een route die het karakter van de eilanden voortzet, of je nu de stad in gaat, de bergen in trekt of de grens oversteekt.
Een bezoek aan de San Juan Islands voelt vaak als een pauze in je reis. Alles gaat er net wat trager, de natuur is tastbaar dichtbij en de sfeer is ontspannen. Maar zodra je de ferry weer afrijdt of uit het watervliegtuig stapt, ligt de rest van het noordwesten van Amerika weer aan je voeten. De eilanden vormen een natuurlijk knooppunt voor wie Washington State verder wil ontdekken of zelfs de grens over wil steken naar Canada.
Rijd je terug naar het zuiden, dan is Seattle de meest voor de hand liggende volgende stop. Binnen zo’n twee uur ben je weer in de stad, waar de skyline, koffiecultuur en markten zorgen voor een compleet andere sfeer dan op de eilanden. Overnachten kan bijvoorbeeld in de wijk Ballard, waar je dichtbij het water zit en toch net buiten de drukte van downtown blijft. Vanuit Seattle kun je eenvoudig verder reizen naar Mount Rainier, de Olympic Peninsula of via de Interstate richting Oregon.
Liever meer natuur? Dan is een route oostwaarts richting de North Cascades een aanrader. Via een kronkelende scenic byway rijd je dwars door het nationale park, langs steile bergwanden, smaragdgroene meren en verlaten trailheads. Overnachten doe je bijvoorbeeld in Winthrop, een wildwestachtig dorpje met houten gevels en charmante lodges. Deze route geeft je een totaal andere kijk op Washington: ruiger, bergachtiger en veel minder bewoond.
Een andere mooie keuze is om je reis richting het Olympic National Park te vervolgen. Vanuit Anacortes of Port Townsend steek je per ferry over naar de westkant van de staat. Hier vind je een combinatie van regenwoud, bergen en ruige kustlijn. Je kunt overnachten in lodges in de buurt van Lake Crescent of verder doorrijden naar Forks, beroemd onder Twilight-fans maar bovenal omringd door natuur.
Voor wie de grens over wil steken, is Vancouver Island een logische verlenging van de reis. Vanuit Sidney of Victoria kun je met de ferry terug naar het Amerikaanse vasteland, of je plant eerst een paar nachten in de Canadese stad Victoria in. Hier komt de mix van Brits erfgoed en westkustnatuur op een verrassend ontspannen manier samen.
Welke route je ook kiest, de overgang van de San Juan Islands naar het vasteland voelt altijd even gek. Alsof je wakker wordt uit een droom waar alles klopte: de natuur, het tempo, de lucht. Gelukkig hoef je dat gevoel niet los te laten. Wij helpen je graag met het plannen van een route die het karakter van de eilanden voortzet, of je nu de stad in gaat, de bergen in trekt of de grens oversteekt.
De San Juan Islands liggen in het noordwesten van de staat Washington, tussen het Amerikaanse vasteland en Vancouver Island in Canada. Ze zijn onderdeel van de Salish Sea, een binnenzee die bekendstaat om z’n rijke zeeleven en milde klimaat. Hoewel er officieel meer dan 170 eilanden zijn, zijn San Juan Island, Orcas Island en Lopez Island het meest toegankelijk en interessant voor reizigers.
Je bereikt de eilanden met de San Juan Islands ferry, een overtocht die op zich al een hoogtepunt is. Vanuit het plaatsje Anacortes op het vasteland varen meerdere veerboten per dag naar de bewoonde eilanden. De rit duurt ongeveer een uur, afhankelijk van je bestemming. Je kunt de ferry nemen met je huurauto, maar ook als voetpassagier en ter plaatse een fiets huren of gebruikmaken van het lokale busnetwerk. Wie sneller wil reizen (of een mooi uitzicht vanuit de lucht niet schuwt), kan ook kiezen voor een watervliegtuig vanuit Seattle.
Eenmaal op de eilanden merk je meteen dat de sfeer anders is. Geen grote winkelketens of neonverlichting, maar kleinschalige dorpen, biologische boerderijen, kunstgaleries en gezellige cafés. Op San Juan Island vind je het plaatsje Friday Harbor, met een kleurrijke haven, een kleine maar interessante walvismuseum en goede restaurants aan het water. Orcas Island is ruiger, met beboste heuvels en de hoogste top van de eilanden: Mount Constitution, waar je een panoramisch uitzicht hebt over de hele archipel. Lopez Island is het vlakst en daarmee ideaal voor fietsers. Hier voel je het eilandleven op z’n kalmst: landbouw, zeezicht en stilte.
De eilanden staan bekend om hun natuur en wildlife. In het water zwemmen orka’s, bultruggen en bruinvissen. Je hebt goede kans om deze dieren te zien tijdens een georganiseerde excursie, maar soms ook gewoon vanaf de kant, bijvoorbeeld bij Lime Kiln Point State Park, dat niet voor niets bekendstaat als een van de beste plekken ter wereld om orka’s te zien vanaf het land. Op het land kun je herten, vossen, otters en tientallen vogelsoorten tegenkomen. De natuur op de San Juan Islands is gevarieerd: van dennenbossen tot getijdenpoelen en weides vol wilde bloemen in de lente.
De sfeer op de eilanden is ontspannen en vriendelijk. Er wordt veel belang gehecht aan duurzaamheid en lokaal ondernemerschap. Boerderijwinkels langs de weg verkopen verse eieren, jam en groenten. Er zijn markten met handgemaakte producten, en in sommige cafés hangt nog gewoon een prikbord met briefjes voor concerten en yogalessen. Het voelt persoonlijk en gemeenschappelijk.
Een vakantie op de San Juan Islands is ideaal als je tijdens je rondreis door het noordwesten van Amerika even een paar dagen tot rust wilt komen, zonder in te leveren op beleving. Je kunt hier wandelen, fietsen, zeekajakken, walvissen spotten, kunst kijken en goed eten, en dat alles zonder dat je over toeristen struikelt. Ook met kinderen is het een prettige bestemming: overzichtelijk, veilig en vol natuur om in te spelen of ontdekken.
Je kunt de eilanden bezoeken als dagtrip vanuit het vasteland, maar we raden aan om minstens twee nachten te blijven, zeker als je meerdere eilanden wilt verkennen. Overnachten kan in knusse B&B’s, vakantiehuisjes aan het water of kleine ecolodges midden in de natuur. Bij UStravel.nl kennen we de beste plekken en helpen we je graag aan een fijne uitvalsbasis op het eiland dat het best past bij jouw reisstijl.
Gewoon goed geregeld, zodat je ter plekke niets hoeft te improviseren


De San Juan Islands kun je het hele jaar door bezoeken, maar de beste periode is van mei tot en met september. In deze maanden is het weer stabiel, valt er weinig regen en is de kans op het zien van orka’s het grootst. De natuur staat in bloei, de boerenmarkten zijn volop in bedrijf en de ferry’s varen volgens een frequent schema.
Juni tot augustus zijn de populairste maanden. De dagen zijn dan lang, met gemiddeld 16 uur daglicht. Perfect dus om te wandelen, fietsen of een walvissafari te maken. Juli is het droogst en gemiddeld ook het warmst, al blijft het door de invloed van de zee altijd aangenaam koel. Hittegolven komen hier zelden voor.
Wie liever de drukte vermijdt, kan goed in mei of september reizen. In mei bloeien de velden vol wilde bloemen en spot je de eerste walvissen. In september is het nog rustig na zomeren, met vaak verrassend veel zon en aangename temperaturen.
In de wintermaanden zijn de eilanden vooral populair onder rustzoekers, schrijvers en wandelaars. Veel winkels en restaurants zijn dan beperkt open, maar de stilte en het lage tempo maken het extra bijzonder. Het weer is mild, maar nat, ideaal voor een knus huisje met houtkachel en uitzicht op zee.


Ver weg van stadslicht heb je hier ’s nachts vaak kraakheldere lucht. Neem een kleedje mee, iets warms en kijk omhoog, met een beetje geluk zie je de Melkweg of vallende sterren.
’s Ochtends vroeg is de zee vaak kalm en zijn zeehonden extra nieuwsgierig. Je hoort alleen je peddel en vogels in de verte. Dit is eilandrust op z’n best.
De eilanden trekken veel kunstenaars. Overal vind je kleine galeries in schuren of achtertuinen. Vraag bij een koffiebar naar een routekaartje, vaak hangt er eentje bij de toonbank.
De meeste mensen gaan overdag walvissen spotten. Maar de tochten rond golden hour zijn rustiger, het licht is magisch, en de kans op wildlife is net zo groot.
Reizigers die bij ons hebben geboekt, delen hier hun ervaringen. Over de voorbereiding, de reis zelf en hoe het is om met ons samen te werken. Deze reviews geven een eerlijk beeld van wat je van ons kunt verwachten. Gemiddeld scoren we een 9,3 uit 157 beoordelingen!